Dit is een verhaal over een aanslag, onderduikers, een ultimatum en het fusilleren van vijf mannen. Het klinkt bijna als het scenario van een spannende film. Dit verhaal is waar gebeurd. Het is het verhaal van verzetsgroep rond de Rotterdamse Jood Sally Dormits. In 1941 richtte de Nederlandse Volks Militie op. Die groep deed aan sabotageacties.

Johan van der Hoeven van Museum Rotterdam 40-45 NU vertelde eerder aan RTV Rijnmond: "Dormits liep al tijden rond met het idee om sabotage te plegen. Het Luxortheater aan de Kruiskade dat in handen was van het Duitse UFA-concern werd in de brand gestoken, maar Dormits wilde meer. Hij wilde een aanslag op de Duitsers zelf." Er werd een aanslag gepland op een trein met Duitse verlofgangers op 7 augustus 1942. Die trein met Duitse soldaten vertrok vanaf Centraal Station in Rotterdam. Op het luchtspoor boven de Binnenrotte werd door leden van de Volksmilitie springstof aangebracht. De lading moest ontploffen als de trein om 6.36 uur in de ochtend langs zou komen.

Maar de trein had vertraging en een spoorwerker reed op dat moment langs de rails. Hij zag een koperdraadje dat naar een zwart kastje leidde. De man was er nauwelijks een meter vandaan en kon niet meer stoppen. Hij raakte de draad en werd van z'n fiets geslingerd. Een collega zag het gebeuren en rende naar de zwaargewonde spoorbeambte. Tegelijkertijd hoorde hij de trein aankomen en zag hij kans om de machinist te waarschuwen. De trein kon daardoor op tijd stoppen.

Vergelding

De bom was maar gedeeltelijk ontploft. De Sicherheitsdienst concludeerde dat het leed niet te overzien zou zijn geweest als de trein niet op tijd was gestopt en bom zou zijn afgegaan. De Duitsers waren woedend. Reichscommissaris Seyss-Inquart besloot welke vergeldingsmaatregel werd genomen. In Brabant werden meer dan duizend vooraanstaande en bekende Nederlanders gevangen gehouden. Als er acties tegen de bezetter werden gehouden, dan konden de Duitsers die vergelden via deze gijzelaars. Seyss-Inquart kondigde aan dat er gijzelaars zullen worden geëxecuteerd als de daders van de bomaanslag op het Rotterdamse spoor zich niet voor 14 augustus 1942 melden. Ook werd een beloning van maar liefst 100.000 gulden uitgeloofd voor de tip die naar een aanhouding zou leiden.

Ondertussen zocht de Duitse politiecommandant Rauter naar namen onder de gijzelaars. Hij kwam op de drie vooraanstaande Rotterdammers en twee mannen met wie koningin Wilhelmina een speciale band zou hebben. Het gaat om hoofdinspecteur Bennekers van de Rotterdamse politie en Willem Ruys, directeur van de Rotterdamse Lloyd. Ook Robert Baelde uit Rotterdam werd slachtoffer. Hij was secretaris van de Nederlandse Unie. Twee andere slachtoffers kwamen uit andere delen van het land: Otto Ernst Gelder, graaf van Limburg en Stirum uit Arnhem en baron Schimmelpenninck van der Oije uit Schouwen.

Gefusilleerd

De daders van de mislukte aanslag meldden zich niet. De vijf gijzelaars werden op 15 augustus gedood. Ze werden ter plekke begraven. Nog dezelfde dag kregen de nabestaanden de kleding en een afscheidsbrief thuis bezorgd. 

Sally Dormits pleegde in oktober 1942 zelfmoord nadat hij door de politie was opgepakt voor het roven van een handtas. Uit de handtas wilde hij het persoonsbewijs stelen. Tussen zijn spullen vond de politie aanwijzingen naar de schuilplaats van de Nederlandse Volks Militie. Op die plek is een lijst met verzetsmensen aangetroffen en ruim 200 strijders werden daarna gearresteerd. Veel van hen overleefden de concentratiekampen niet.